Pireco Gezonde Groei

De rol van stikstof bij ziekten en plagen, deel 2

30-09-2019

In de nieuwsbrief van september hebben we deel 1 behandeld over de rol van stikstof bij ziekten en plagen. Daar bespraken we dat in de natuur zowel nitraat als ammonium voorkomen en dat je aan de pH kan zien welke van die twee de dominante vorm heeft.

De hoogte van de pH bepaalt de dominante vorm

De pH geeft een indicatie welke vorm het meest voorkomt. Is de pH hoger dan 5,5 dan is nitraat (NO3), de dominante vorm. Is de pH daarentegen lager dan 4,5 dan is ammonium (NH4) de dominante vorm.

Deze kennis kunnen we goed gebruiken, want uit de plantenfysiologie weten we dat planten zich hebben aangepast aan het beschikbare voedsel. Sommige planten doen het beter op nitraat (of een combinatie met ammonium), terwijl anderen het beter doen met ammonium als stikstofbron.

Ammonium

Planten die groeien op een kalkrijke bodem en hoofdzakelijk nitraat als stikstof voorkeur hebben houden niet van hogere concentraties ammonium. Sterker nog dat heeft de volgende negatieve effecten:

Effecten van hogere concentraties ammonium:

  • Interne verzuring van de cel
  • Minder opname van kationen
  • Ophoping van bepaalde stikstofrijke aminozuren
  • Slechtere wortelontwikkeling

Punt 3 nemen we even apart in verband met ons thema. Het geven van een voor de plant ‘verkeerde’ vorm van stikstof kan er dus toe leiden dat bepaalde stikstofrijke aminozuren zich ophopen in de plant. Hoe erg is dat?

Nitraat

'De vorm van stikstof die gegeven wordt heeft een belangrijke invloed op het ontstaan of verergeren van diverse ziekten en plagen'

Relatie parasieten en stikstof

Wanneer wordt een plant door een parasiet aangevallen? Een plant wordt alleen aangevallen als de biochemische toestand van de plant overeenkomt met de voedingsbehoefte van de desbetreffende parasiet. Met andere woorden, als de plant geen voedingsstoffen bevat voor de aanvaller heeft deze er weinig te zoeken, de plant is dan niet ‘vatbaar’.

Geven we echter een verkeerde vorm van stikstof, of zoveel dat de plant deze niet kan verwerken, dan ontstaat er een opeenhoping van stikstofrijke aminozuren in de plant zoals asparagine en glutamine. Deze aminozuren zijn nu net de bouwmaterialen die de parasiet nodig heeft voor zijn eigen groei en voortplanting.

Nu trekt de plant zijn aandacht en heeft de parasiet een voedselbron gevonden. Komt hij alleen dan is dat niet zo’n probleem, neemt hij familie en vrienden mee dan heet dat een plaag. Dit is slechts een voorbeeld dat laat zien dat de vorm van stikstof die de plant opneemt invloed heeft op de gezondheid van de plant en dus ook op ziekten en plagen. Zo is er door onderzoek meer over de rol van stikstof bij ziekten en plagen naar buiten gekomen.

Neem eens nota van het volgende:

  • Planten met een stikstof overschot remmen de productie van verdedigingsreacties
  • Diverse bladziekten op graan (waaronder meeldauw) nemen toe bij verhoogde stikstofgiften. Deze vatbaarheid wordt in verband gebracht met een toename van bepaalde vrije aminozuren die als voedsel dienen voor pathogenen in geïnfecteerd weefsel
  • Ammonium verhoogt de concentratie van het aminozuur asparagine in plantenweefsels. De groei van Rhizoctonia solani op stengels, de productie van infectiekussentjes, de indringing en de vergroting van de laesies nemen toe naarmate het asparaginegehalte toeneemt
  • Pratylenchus penetrans aantasting in aardbei is groter bij nitraat bemesting dan bij ammonium bemesting

Conclusie

meer stikstof betekent niet automatisch meer ziekten en plagen. Soms wel, soms juist niet. Daarbij heeft de vorm van stikstof die gegeven wordt een belangrijke invloed op het ontstaan of verergeren van diverse ziekten en plagen.

Meer over stikstof? Neem contact op.

Ammonium
Schrijf u nu in voor de Pireco Kennis Update
Regelmatig versturen wij onze Kennisupdate. Deze staat vol met actuele informatie, proeven en ervaringen. Wilt u hiervan op de hoogte gehouden worden? Schrijf u dan nu in!
We respect your privacy.